is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Josef de sensatie, die hij zich daarvan voorstelde. Alvorens te beginnen legde hij ze naar den datum op volgorde; toen hij daarbij uit zekere kleine kenteekenen meende te mogen opmaken, dat zijn knecht hem met de lectuur reeds voor was geweest, voelde hij dit niet slechts als een onbehoorlijkheid waarvoor hij Josef nog ter verantwoording zou roepen, maar bovenal als een roof van nieuws dat hier op het kasteel vooralsnog aan niemand dan aan hem, den meester, toebehoorde. Tot middernacht en nog later dreef hij als een verlorene op den stroom van 's werelds gebeurtenissen mee. In den tijd van enkele uren moest hij zijn verzuim van een jaar zien in te halen 1

Verwonderlijk: het scheen zonder veel moeite te lukken. Hij las nieuws en herkende het toch alsof het al heel oud was; bovendien kwam het hem voor alsof hij na dit jaar van afzondering alle dingen klaarder en in eenvoudiger trekken kon zien. Hij las over de onmatige eischen der Czechen, die in hun eigen land hun eigen taal wenschten en politieke gelijkstelling met Hongarije; het regeeringsgetrouwe blad, waarop hij zich geabonneerd had, wond er zich over op, en Georg herinnerde zich, dat deze houding der Czechen hem ook steeds geprikkeld had; dat hij er bijna iets als een persoonlijke onheuschheid jegens den ouden keizer in gevoeld had, die met zijn groote rijk toch al zooveel hoofdbrekens had. Maar nu was er een stem in hem, die zei: „Misschien hebben ze van hun standpunt wel gelijk. Tenslotte hebben ze hun oude trotsche geschiedenis als zelfstandig rijk. Indien het maar eenigszins mogelijk is, zou men aan hun wensch moeten voldoen. Niets is gevaarlijker dan wrok binnen de eigen grenzen."

Vol leergierigen ijver las hij de berichten uit het buitenland. Ook daar nog alles hetzelfde: het jonge Duitsche rijk, geboren uit een militaire zegepraal, voelde zich onoverwinnelijk en tartte Engeland door zijn goedkoopere industrie, waarmee het de wereldmarkt scheen te willen veroveren. Het door den wijzen en voorzichtigen Bismarck steeds te vriend gehouden Rusland helde na het aftreden van den ijzeren kanselier met zijn sympathieën openlijk naar Frankrijk over, dat sedert 1870 een machtigen bondgenoot zocht en bereid was om daarvoor in de beurs te tasten. Wilhelm had echter gemeend aan eigen prestige verplicht te zijn den grooten staatsman, aan wien hij zijn rijk dankte, opzij te schuiven - waarheen zou hij dit rijk thans leiden? Het had nu vijanden aan twee grenzen; slechts met de monarchie was het, zoolang de oude keizer daar in Schönbrunn nog leven zou, in hechte broedertrouw verbonden, zooals de krant schreef- On