is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedaan worden, en zoo keek hij nu maar meteen naar een wat jongere kracht uit, die ook aan tafel zou kunnen bedienen en er niet voor terugschrikte om daarnaast nog allerlei werkjes te verrichten, zooals Josef vroeger.

In het voorjaar, toen Eisengruber moeilijk nog langer een knecht kon afstaan om den stal en de paarden op het kasteel te verzorgen, hield de nieuwe koetsier-huisknecht zijn intrede. Hij heette Ignatius, bij afkorting Ignaz, had zigeuner krulletjes en lachende, zwarte kraaienoogen. Na een kwartier voelde hij zich bij de beide vrouwen in de keuken (Trudi had Mariedl's plaats weer ingenomen) al volkomen op z'n gemak, en bij zijn eerste serveeren aan tafel toonde hij aangeboren kellnerskwaliteiten. Hij zong in den stal een heel répertoire van Sloveensche volksliedjes; bij enkele was het maar goed, dat men ze niet verstond. Hij sprak met de paarden alsof het oude vrienden van hem waren. Aan hem was het te danken, dat er om Trudi's mond voor het eerst weer een glimlach verscheen. Anna zorgde voor dezen nieuwen koetsier zooals zij vroeger voor haar man gezorgd had; hij noemde haar „moeder", en zij scheen daarmee ingenomen te zijn; ze keerde voldaan lachend in haar keuken terug wanneer ze hem geroepen had en hij zong uit den stal: „Jazeker, moeder, schep maar vast opl"

. Hij kon op de citer spelen en had bij de meiden op de boerderij niet minder succes dan in de keuken. Ze verslonden hem met haar oogen wanneer hij 's avonds, z'n jasje los om de schouders, over zijn instrument gebogen zat, een lange haarlok voor zijn ingespannen voorhoofd, den blik strak omlaag gericht op de stalen snaren, die zijn bruine gespierde vingers zoo melodieus in trilling brachten. Hij bracht een zinnelijke romantiek mee, die al wat vrouw was betooverde. De mannen keken er hem achterdochtig en jaloersch op aan, maar zij zelf konden hem al evenmin weerstaan; ze kwamen er tegen wil en dank bij zitten als hij zijn citer voor zich op tafel legde...

Trudi had zich al jaren ontwend om 's avonds naar de boerderij te gaan, maar nu vond zij er den weg weer heen, den verborgen spot der meiden trotseerend. Pas toen zij merkte, dat Ignaz anderen boven haar verkoos (Mariedl zat met vuurrood hoofd naast hem, den arm tegen den zijnen gedrukt, en soms leunde zijn hoofd zorgeloos aan haar schouder), trok Trudi zich weer in haar hooghartige vereenzaming terug en trachtte zichzelf te bewijzen, dat zij toch ook te goed was voor zooeentje, die het er op aanlegde om bij alle meiden hier te slapen. Zij klom 's avonds