is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met vermoeide beenen al vroeg de trap naar haar kamertje op maar als zij dan in bed lag, hoorde zij door het open dakvenster de verre klanken uit de boerderij. En ze dacht weer aan Josef, die van haar was weggeloopen, en aan zijn kind, dat zij had laten dooden nog voor het geboren was.

O, Trudi was bereid om al wat zij door zijn schuld had doorgemaakt te vergeten, mits hij maar bij haar terugkeerde...

Zooals ieder op het kasteel, leerde ook Ignaz den kleinen Stephan spoedig vertroetelen, die thans aan de hand van zijn zusjes (nog liever alleen!) de trap naar het pleintje afgeklauterd kwam. Hij nam den dreumes op en tilde hem op den rug van een der ponies. Daar Ignaz het ongeluk met den eersten Stephan niet meegemaakt had, kon hij Anna's angstige gezicht niet begrijpen, en hij knikte oolijk de barones toe, die door het venster naar buiten keek; er mankeerde niet veel aan, of hij had tegen haar geknipoogd, alleen maar om haar gerust te stellen.

Stephan had natuurlijk gauw ontdekt, dat Ignaz hem meer vrijheid gunde dan mama of een der anderen; het gevolg was, dat hij hem overal achterna liep. Ignaz had er heimelijk pleizier om. Met z'n eigen oogen had hij gezien hoe de bengel zich uit de angstig-stormachtige omhelzingen van zijn moeder losworstelde om toch maar bij hem te komen. „Jullie doen ook allemaal even raar met dien jongen," verweet hij Anna, die tot antwoord slechts zuchten kon.

Maria merkte wel, dat de geheime liefdesontboezemingen, welke zij haar jongen in het oor fluisterde, weinig indruk op hem maakten. Zij maakte zich wijs, dat zij er niet gekwetst of verdrietig door was. Als hij zoo graag naar Ignaz toe wilde, moest hij maar gaan; zij wou hem niet tegenhouden. Maar hij zou haar niet kunnen beletten om hem te allen tijde in het oog te houden. Ze leefde immers nog slechts voor hem?

Zeker, zij had haar andere drie kinderen en haar man ook lief, maar op een geheel andere wijze. Dit kind was een zaak tusschen God en haar; niemand kon dat begrijpen. Als zij nog zichzelf was, zou ze haar liefde rechtvaardig trachten te verdeelen tusschen wat zij hier op aarde bezat. Maar zij was zichzelf niet meer, en ze kon alle dingen nog slechts in hun verband tot Stephan bezien. Toen Georg haar dezen zomer was komen vertellen, dat de oude pastoor van Seekirchen zich in een klooster ging terugtrekken en dat pastoor Aigner nu waarschijnlijk zijn plaats zou innemen - toen kon Maria dit slechts weer als een nieuwe schikking Gods beschouwen: de hemel zond haar thans pastoor Aigner