is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toespraak maakte op den ambitieuzen kleinen sportsman meer indruk dan al de angstige bezweringen en waarschuwingen van mama in zeven jaren vermocht hadden.

Zelf had Arnim echter niet in elk opzicht zoo voorzichtig gehandeld als zijn principes hem voorschreven. Toen hij op een keer toevallig even met Angélique alleen was geweest, had hij haar tegen zich aangetrokken en gekust. Al dagen lang had hij geweten, dat het zoover komen moest: zij legde het er op aan. Hij schrok nu echter van haar reactie op zijn onbezonnenheid. Eerst hield zij zich nog wat stijf en onhandig afwijzend, en hij vreesde al, dat hij zich vergist had en dat zij nu toch boos op hem was. Maar toen hij haar dit vroeg, zooals men na een eersten kus immers toch ook behoort te doen, bood zij hem eensklaps zelf haar half geopende lippen. Haar oogen keken hem daarbij in hulpeloozen angst aan, zoodat hij zijn gansche verantwoording al begon te voelen. Gelukkig waren in de gang toen juist de anderen teruggekeerd...

Sedertdien hadden ze elkaar geen oogenblik meer alleen kunnen spreken, en eigenlijk vond Arnim het wel geruststellend, dat Rudi hem den ganschen dag niet verliet.

Maar nu was hij dan alleen met haar en den kleinen Stephan.

Den morgen na dien eenen regendag scheen de zon alweer, en ze reden gedrieën uit, langs de nog geurige stoppelvelden waarvan het vocht in warme dampen optrok. Angélique zei, dat er nu, na den regen, groote zoete bramen te vinden zouden zijn en dat ze er voor tante Frieda eigenlijk moesten gaan zoeken. Stephan sprong al van zijn pony; ook Angélique steeg af...

In de greppels langs den boschrand groeiden bramen; Stephan holde eerzuchtig vooruit om de mooiste weg te plukken. Angélique deed geen moeite om hem daarbij te vlug af te zijn; ze bleef bij Arnim achter en wachtte er slechts op, dat zij hem in de beschutting van het struikgewas om den hals kon vallen. Ze kuste hem met den opgespaarden hartstocht van dagen en fluisterde hem toe, dat zij al van hem gehouden had sedert ze hem met Rudi uit den trein zag stappen. Maar daar mocht hij Rudi niets van zeggen, en vooral Liesbeth mocht het niet weten; hij moest zweren, dat hij het nooit aan iemand ter wereld vertellen zou! Hij zwoer het haar en moest zijn eed wel met nieuwe kussen bezegelen, die zij als dronken in ontvangst nam; zij sloot er de oogen bij en hing loom in zijn armen; zij vergat de nabijheid van Stephan zoo geheel en al, dat zij met heesche fluisterstem voorstelde om samen op het mos te gaan zitten. Met zijn zeventien jaren en zijn school-