is toegevoegd aan uw favorieten.

Kasteel in Karinthië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf had steeds weinig aan haar titel gehecht; zij schaamde er zich op dit oogenblik bijna voor en was bereid er afstand van te doen, tegelijk met de privileges welke er aan verbonden mochten zijn - zij wist nu alleen niet goed of zij dan ook ineens anders moest denken, handelen, leven! Het bezit van een geërfd kasteel met bijbehoorende landerijen leek haar dan ietwat absurd toe, vooral wanneer men bedacht, dat het beheeren ervan onder bepaalde omstandigheden vaak meer de vervulling van een traditioneelen plicht dan uitsluitend een genoegen kon beteekenen. Moest zij Stephan nu aan de gedachte wennen, dat die plicht later op hem zou overgaan, of was het eigenlijk gemakkelijker voor hem wanneer zij reeds thans trachtte, zulk een gevoel voor traditie geheel in hem uit te dooven? Sterk was het toch reeds niet in hem aanwezig: het scheen hem al moeilijk genoeg te vallen om tegenover zijn kameraden degene te zijn, die hij door geboorte nu eenmaal was; zonderlingerwijs was dit bij hem eerder tot een soort minderwaardigheidsgevoel tegenover zijn burgerlijke schoolmakkers omgeslagen nog vóór hij werkelijk aanleiding had gekregen om zich voor zijn stand te geneeren, gelijk zij thans.

Abel Prisswitz het haar uitspreken. Droomerige, vreemde gedachten gingen hem door het hoofd toen hij haar zoo zwak en troostbehoevend zag. Hoe groot was zijn verlangen om haar te helpen, haar met zijn gansche kracht en inzicht terzijde te staan; in het licht van een visioen zag hij zelfs de plotselinge vervulling van wat eens niet meer dan een dwaze hersenschim geweest was. Zij had niemand meer op deze wereld, geen man, die haar ondersteunen kon... zou zij zijn hulp afwijzen indien hij den moed had, ze haar aan te bieden? Nu, op ditzelfde oogenblik? En zou de genegenheid, die er in haar reeds voor hem bestond, zich dan langzamerhand niet vanzelf kunnen verdiepen? Zij had - als hij een groote teleurstelling achter den rug; zij had voor zichzelf reeds met dit leven afgerekend.

Daar zat zij: de vrouw, die het geluk in zijn leven had kunnen brengen; daar zat zij: trotsch in haar leed en zorgen, rijzig en blond en heerlijker dan ooit in zijn oogen, die haar in den schemer van zijn donkere brilleglazen ontwaarden. - En hij wist, dat zijn droom gedoemd was voor eeuwig een droom te blijven. Indien hij niet naar dien specialist in Weenen was gegaan, die hem, als confrater, op zijn verzoek genadeloos de waarheid onthuld had: dat ook deze operatie de kans op het definitieve behoud zijner oogen slechts weinig vergroot had... zou hij dan gedurfd hebben? In elk geval was het duidelijk, dat er nu geen sprake van kon zijn.