is toegevoegd aan uw favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laten gelden, terwijl hij nu gezag uitoefent. Macht gaat altijd gepaard met zulke dingen als: u, standjes, critiek, slaag en wat dies meer zij. Terwijl gezag leiding geeft door overwicht.

Iemand, die baas is, laat zich zoo weinig mogelijk op zijn baas-zijn voorstaan. Omdat hij respect voor zichzelf kan hebben, heeft hij het ook voor anderen. Iemand, die alleen maar baas héét, zal voortdurend trachten zijn ondergeschikten ervan te overtuigen, dat hij het is, door hen te tutoyeeren, door te eischen, dat zij hem „mijnheer" noemen, door hun de schuld te geven van alle fouten, tegenslag, enzoovoort. En door elk succes op zijn eigen naam te boeken. Verder door een zoo groot mogelijken afstand te brengen tusschen zich en zijn knechten. Hij kan geen respect hebben voor anderen bij gebrek aan respect voor zichzelf. Maar wee den knecht, die hem met gelijke munt betaalt. Waarmee ik de bazen zeker niet wil afkammen ten opzichte van de knechten, want die zijn net zoo. Men noemt dat menschelijk, daarmee zichzelf en den mensch in het algemeen een brevet gevend, dat verre van vleiend is.

„Dat lijkt wel communistisch, wat u daar verkondigt," merkte Dornik lachend op.

„Maar dat is het ook. Ik ben kapitalist, omdat ik er van overtuigd ben, dat er slechts enkelen in staat zijn de rijkdommen van den mensch te beheeren. De anderen kunnen die rijkdommen alleen maar verkwisten of gebruiken om hun medemenschen uit te zuigen.

Ik ben socialist, omdat ik er van overtuigd ben, dat alleen de sociaal denkende en voelende kapitalist zijn mooie taak goed kan vervullen.

Ik ben nationalist, omdat ik er van overtuigd ben, dat het tot perfectie gebrachte nationalisme de eenige mogelijkheid is om de opperheerschappij van den handel te breken en dien handel te maken van een ernstige kwaal tot een nuttig instituut; omdat het ten top gevoerde nationalisme de eenige weg is naar het internationalisme, naar de Vereenigde Staten der Wereld.

En ik ben communist, omdat ik er van overtuigd ben, dat geen enkel mensch het recht heeft om tegen een ander te zeg-