is toegevoegd aan je favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gen: „Ik ben uw knecht" of „Ik ben uw heer". Omdat de totale inventaris aan erflijkheidsfactoren het algemeen menschehjk eigendom is; omdat over ons allen, zonder aanzien des persoons, verdeeld is het totaal aan mcnschely'ke kwaliteiten en eigenschappen, zonder dat wij daar individueel ook maar iets aan kunnen doen. Zoodat hij, die, om welke reden dan ook, beter toegerust is dan de anderen, daardoor niet het recht heeft die betere toerusting te gebruiken ten eigen bate, maar den plicht ze te bezigen in het belang van het algemeen."

En Dornik, die hem niet kon begrijpen, glimlachend aankijkend:

„Overigens laat ik het aan jou over hierin een geloofsbelijdenis te zien of een verzameling paradoxen."

Dit laatste ontging Dornik echter geheel. Hij had zijn uiterste best gedaan zijn baas te volgen, maar het ging niet: öf omdat hij het nu eenmaal niet begrijpen kon, öf omdat hij, na zijn zwaren tocht hierheen, te moe was.

„Ik denk niet, dat ik u heelemaal begrijp, maar wat ik wel uit uw redeneering opmaak, is, dat u zou willen, dat iedereen evenveel geld zou verdienen."

„Ach, geld! viel Fetter ongeduldig uit. „Geld is oorspronkelijk ontstaan als een middel om het goederenverkeer te vergemakkelijken; het is geschapen ten bate van den mensch en het is een machtsmiddel geworden, zooals de mensch tot nu toe telkens weer slaaf is geworden van zijn eigen mooiste ideeën! Neen, zoolang de mensch nog met geld werkt, is het het veiligst in handen van enkele uitverkorenen, die er het minste misbruik van zullen maken. Maar levensvreugde! Daarvan moest iedereen een gelijke portie kunnen verdienen."

En na even te hebben nagedacht, ging hij door:

„Jammer genoeg is de productie van dit artikel nog heel slecht ontwikkeld, omdat de handel er zich niet voor interesseert, zoodat het alleen binnen het bereik komt van de begeerteloozen. Met den namaak, ja, daar wordt goed geld mee verdiend."

Fetter zweeg een oogenblik, terwijl hij peinzend voor zich uitkeek. En Dornik kreeg ineens het gevoel, als was hij onbe-