is toegevoegd aan uw favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boter, Dornik. Dit wordt beslist een geslaagde dag. Het zal mij benieuwen wat wij nog meer krijgen." En tegen Betterman: „En wat heb je gedaan?"

„Wel, er viel niets te doen. Ik heb hun gezegd naar kantoor te gaan en dat vertikten ze. Toch moet er wat gebeuren, anders blijven ze vanmiddag allemaal thuis en morgen ook: totdat ze rijst hebben gehad!"

„Hm. Even loopen staan te bedenken. Juist. Ga mee. Wij zullen probeeren misbruik te maken van de omstandigheden."

Zij hepen den weg op naar de kampong, die zij van het kantoor uit tusschen de boomen door in de verte konden zien liggen. Op den weg, nog niet verhard, stonden hier en daar nog plassen, zoodat zij achter elkaar moesten loopen over het door de inlanders vastgetreden paadje. De roode klei, nog week na den regen van den vorigen middag, was echter zoo glibberig, dat Dornik alle aandacht bij zijn voeten moest bepalen om niet uit te glijden. Betterman en Fetter, die spijkers onder hun zolen hadden, liepen met zooveel gemak, dat hij zich begon te geneeren voor zijn stunteüg gedoe. En hij voelde zich bepaald ongelukkig, toen Fetter te hulp moest schieten, onder het grijnzend lachen van Betterman, om een val in de brij te voorkomen, nadat geheel onverwacht een van zijn voeten onder hem uit was gegleden.

De blauwe hemel kreeg in het oosten meer en meer purperen kleuren. Als een groote gloeiende bol kwam de zon boven het bosch op de heuvelruggen in de verte te voorschijn, terwijl overal gulden lichtbundels door de nog nevelachtige atmosfeer drongen. Het werd een brillante ochtend, frisch en blijstemmend en een genot was het diep adem te halen.

De kampong was een groot complex van kleine, op palen staande houten huisjes, die met zink waren gedekt. Achter elk huisje was een tuin, in verschillende stadia van gebruik verkeerend, varieerend van onkruid tot een dicht boschje van hoog opgeschoten voedingsgewassen. Het geheel was gebouwd rond een ruim rechthoekig plein, in het midden waarvan een groote, gedeeltelijk open loods stond. Het zag er allemaal nog wat nieuw uit, nog te weinig gebruikt. Het had nog geen eigen