is toegevoegd aan uw favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

menschen ondervraagd, maar niemand had iets gemerkt of gezien. Eenigszins ongeduldig wendde Mattersen zich tot Fetter:

„Ik geloof u voldoende te kennen om aan te mogen nemen, dat de uitleg, dien u aan het geval geeft, wel ongeveer juist zal zijn, maar dan moet er toch iemand zijn of zijn geweest, die die heele scène in elkaar heeft gezet. Zulke dingen gebeuren toch niet zoo maar. Waarom willen al deze menschen absoluut niets zeggen, bijvoorbeeld? Het lijkt wel, alsof hun opgedragen is hun mond te houden. Hoe moet ik hierover nu een behoorlijk rapport opmaken?"

„Op uw laatste vraag kan ik u tot mijn onuitsprekelijken spijt geen antwoord geven. Wat het zwijgen van de ondervraagde menschen betreft, dat is iets wat u als arbeidsinspecteur wel meer beleefd zult hebben. Zwijg, zie en luister, is onder bijna alle omstandigheden de wijste houding, vooral omdat je nooit kunt weten waar dat gevraag van zoon blanda op uit kan loopen, ook al is die blanda de toean piskal oftewel des koelie's vader.

Dat er iemand achter het tooneel zit of heeft gezeten, dat de vertooning de leiding heeft gehad van een regisseur, valt niet te betwijfelen. Wie die man is, kan ik vermoeden, maar waarschijnlijk nooit bewijzen, dat hij het was. Met wat geduld, niet vragen, luisteren, zien en logisch denken krijgen wij echter zeker wel wat meer inzicht in de zaak dan wij nu hebben. Niet door middel van deze menschen. Want die weten teveel dan dat ze wat zullen zeggen. Maar door middel van heden, die van het geheel te weinig weten om te kunnen oordeelen over het belang van wat ze weten. Zoo gauw ik het geval in zijn logische ontwikkeling kan reconstrueeren, zal ik u dat melden.

En de reden? Die hgt in den aard van den mensch. De mensch in het algemeen is de meening toegedaan, dat hij meer recht heeft op de vruchten van zijn sluwheid dan op die van zijn bekwaamheid. Als ik iemand minder loon geef dan hem overeenkomstig zijn bekwaamheid toekomt, dan vindt hij dat niet prettig en waarschijnlijk zal hij naar een anderen werkgever uitkijken. Verder maakt hij zich om mij niet druk. Maar