is toegevoegd aan je favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Allen bogen zich wat voorover om naar Fetter te kijken, omdat iedereen begreep, dat zoo'n beschuldiging niet zoo maar uit de lucht gegrepen kon zijn en dus op feiten moest berusten, die natuurhjk op hun juistheid nauwkeurig onderzocht waren. Zou Fetter zich daar net zoo makkelijk uit kunnen redden als hij tot nu toe had gedaan? Alleen Helmer keek strak voor zich.

Fetter steunde zijn ellebogen op zijn knieën en zijn kin in zijn handen. En nam allen tijd om rustig na te denken.

„Nu, mijnheer Fetter," klonk hoonend de stem van Allanbert, die zich nu bhjkbaar op volkomen veilig terrein meende te weten, „waar blijft nu uw nonchalante en fiere houding? Zou u niet eens wat zeggen? Ik heb nog maar weinig tijd."

Fetter richtte zich langzaam op en keek Allanbert ongelukkig aan, die op dat ongelukkige gezicht van Fetter meende te moeten antwoorden met de houding van waardig directeur.

„Dat is een verschrikkelijke beschuldiging, mijnheer Allanbert. U gelooft toch zeker zelf niet aan de waarheid van die beschuldiging?"

„Inderdaad wilde ik het eerst ook niet gelooven, maar helaas dwingen de feiten mij daartoe," was het rustige, eenigszins grootmoedige antwoord.

De dokter boog zich wat meer voorover en keek aandachtig naar Fetter, alsof de zorg, die in hem opkwam, in tegenspraak was met wat zijn verstand hem zei. Habekuk bewoog zich onrustig op zijn stoel, alsof hij wilde opstaan, totdat een bevelende blik van Allanbert hem trof. Dornik keek Fetter van terzij smeekend aan en Fetter voelde hem als het ware zeggen: „Vecht man, vecht. Geef je in godsnaam niet gewonnen." Van seconde tot seconde steeg de spanning, blijkende uit het plotseling te voorschijn komen van zakdoeken en het opsteken van sigaretten.

„Ja," zei Fetter mat en zacht, zelfs een beetje klagend, terwijl zijn grauw-bleeke tint den indruk bevestigde, dien zijn stem maakte, „dat zal heel moeilijk zijn te weerleggen, omdat er niemand meer is van de menschen, die die opneming toen gecontroleerd hebben. Alleen de heer Helmer!"