is toegevoegd aan uw favorieten.

De brug

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Haar schalksche groet, toen zij eenmaal wist met wien zij te doen had, het gemak en de zekerheid, waarmee zij Fetter in haar eenvoudige woning binnenleidde, de vanzelfsprekendheid, waarmee zij hem als huisgenoot opnam, het trof Fetter diep en maakte hem verlegen als een kleine jongen, zoodat Bob lachend uitriep:

„Waarachtig, hij is de ouwe gebleven. Dat is Fetter in optima forma. Bang voor niets en niemand en bleu, als hij tegenover een vrouw staat. - Weet je, Lady, hij vocht vroeger liever tegen tien jongens dan dat hij één meisje een zoen gaf, al was ze maar zoo klein."

Dat maakte het voor Fetter niet makkelijker, temeer daar Lady hem er om uitlachte en tegelijk iets warms in haar licht grijze oogen het komen. Maar de jongens kwamen hem te hulp.

„Heb jij tegen tien jongens tegelijk gevochten?" vroeg de jongste, vertrouwehjk tegen zijn knie leunend en vol bewondering naar hem opkijkend.

„Neen, hoor. Als ik dacht, dat er gevochten moest worden, dan liep ik een straatje om. Dat vechten deed jelui vader wel voor mij. Die was veel pootiger dan ik."

Maar dat geloofden zij niet.

„Opschieten, jongens, beval hun moeder. „Handen en gezicht wasschen. Wij moeten eten. Den eerstvolgenden keer, dat jelui een pak op je broek hebt verdiend, zal ik oom Fetter vragen het voor mij te doen. Dan weten jelui meteen hoe sterk hij is. - Vooruit, ingerukt."

Dat vonden zij prachtig. En zich voornemend dat pak slaag zoo gauw mogehjk uit te lokken, installeerden zij zich plichtmatig bij den gootsteen om hun verre van schoone handen en gezicht te ontdoen van alle vuil.

Na het eten, brood met margarine en een paar fluks uit het kippenhok gehaalde eieren, werd gemeenschappelijk afgewasschen en opgeruimd, terwijl Bobs en Arend Fetter eindelooze verhalen deden over hun heldendaden.

Toen moest Fetter vertellen.

„Laten wij eerst een paar fleschjes bier halen," meende Godrich.