is toegevoegd aan uw favorieten.

Het begon met Napoleon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BEGON MET NAPOLEON

breede gang van het ziekenhuis waar het heel stil was; een paar verpleegsters stonden zacht bij een der ramen te praten, tegen een muur stond een zieken-transport-wagent j e.

„Altijd die verdomde lucht naar aether of lysol," zei Vermeer misnoegd, terwijl hij een vies gezicht trok.

„U houdt meer van de lucht van odeklonje," zei Mil met een grinnikje.

„Ik wel en desnoods ook van gebakken visch of „snert," en dan op de deuren de nummers aflezend, terwijl ze nu om den hoek waren gegaan: „Vier en „vijftig... vijf en vijftig... Hier."

Bunt had den sleutel al in het slot gestoken en opende de deur.

Ze traden nu in een kil-wit vertrek, waarbinnen de lucht naar lysol nog veel intenser was dan op de gang; in het midden stond een tafel en op die tafel lag blijkbaar het kadaver, dat met een wit laken was toegedekt.

Bunt trok het weg.

„Nou es kijken," zei Vermeer, terwijl hij zich gelijk met Bunt over de gestalte heen boog, terwijl Mil alvast zijn fotografische apparaten ging uitpakken.

Maar Mil had nog nauwelijks een riem losgegespt, toen zoowel Vermeer als Bunt vrijwel gelijktijdig een kreet slaakten.

„Maar wat is dat nou voor een mop?" riep Vermeer.

„Dat... dat... dat is een... mystificatie...!" bracht Bunt met moeite uit.