is toegevoegd aan uw favorieten.

Het begon met Napoleon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BEGON MET NAPOLEON

lagen wat tafelkleeden, in een hoek stond een stapel Delftsche borden en pullen.

„Hoe is de naam van de overledene?" vroeg de dokter.

„Willem van Andel," antwoordde van Gulik.

„Was die meneer gehuwd?"

„Ongehuwd. Hij woont met een huishoudster."

„Waar?"

„Parklaan 30.

„Leeftijd ?"

„Meneer was de vorige week juist 37 jaar geworden, dokter."

„Zoo, dank U," sprak de dokter, die een en ander had genoteerd. „Mocht U me nog noodig hebben, „dan is mijn adres bekend. En verder geloof ik, „dat mijn taak hier geëindigd is en heb ik de eer „de heeren te groeten."

De dokter boog, knikte even tegen de aanwezigen en verliet dan het kantoor.

„Ziezoo," sprak Vermeer, „een man minder, dat „geeft altijd weer meer ruimte. Bunt, laten we het „lichaam es even omwentelen," en hij bukte zich over den doode heen, „misschien wil meneer van „Gulik en meneer Jansen ook even assisteeren..."

Jansen, steeds tegen den muur gedrukt, deed een aarzelenden stap voorwaarts, maar huiverde dan weer terug, doch van Gulik, hoewel nog zeer ontdaan, bukte zich tusschen Vermeer en Bunt in en voorzichtig wentelden ze het lichaam van den doode nu om, zoodat het op den rug kwam te liggen.

Doch dit was nog nauwelijks geschied, toen van Gulik eensklaps kreet: