is toegevoegd aan uw favorieten.

Tweesprong

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zekerheid van alles te kunnen wagen, wat hij wilde.

Hij zat in de beklaagdenbank als een angstige, opgejaagde vluchteling, die geen ruimte en geen kans meer zag om aan de wraak van zijn vijand te ontkomen. Aan de wraak — niet aan de verdiende straf dacht hij. Wat hem aan straf te wachten stond, vervulde hem niet zoozeer met schrik en woede, als hem dit het gevoel deed : dat hij die straf te dragen zou hebben als de wraak, de triomfantelijke wraak van Pauwe Volvers 1

In de eerste dagen na zijn arrestatie, was hij door zijn woede vaak opgezweept tot wilde voornemens, van wat hij Pauwe zou aandoen, zoodra hij vrij kwam. En in deze laatste dagen, hoe meer het uur van de rechtszitting naderde, was weer dat wraakgevoel in hem opgerezen, met minder dolle woede, maar feller en heviger van drang, al trachtte hij zich nog zoo te beheerschen. Hij vervloekte Pauwe en de heele Volvers-familie voor alle tijden, om wat hij nu van hem te lijden had. En toch moést hij zichzelf beheerschen. Dit was het, wat zijn advocaat hem reeds tijdens zijn eerste bezoek in de cel aangeraden had. Voor zijn eigen bestwil en gezondheid in de eerste plaats, maar ook en vooral niet minder, om hetgeen Mr. Actrobius hem had verteld van de behandeling van zijn zaak in de rechtszaal.

Het ging om den indruk, die het op de rechters maken zou als zij zagen, dat hij zich als verdachte kalm gedroeg, of zich onredelijk aanstelde. Met het laatste schoot men niets op, zei Mr. Actrobius, die zijn best deed om zich zooveel mogelijk volgens Rouke's gedachtengang uit te drukken ; het voornaamste wat hij