is toegevoegd aan uw favorieten.

Timboel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den satehverkooper en vergeten zijn Latiah en Hardjo.

„Sateh aaajam!" klinkt het met een langen uithaal. Dan gaan vader en zoon langs het kampongweggetje, waarop de boomen hun inktzwarte schaduwen werpen, naar den grintweg.

Zooals gewoonlijk wacht hun vriend met zijn wandelend waronkje onder den grooten waringin zijn klanten af. Met zijn waaier wakkert hij, op de hurken zittend, het houtskoolvuurtje aan, waarboven de aan stokjes geregen stukjes gekruid kippenvleesch geroosterd worden.

Timboel mag smullen van de sateh. Eén stokje voor één cent. Met een plons vallen de twee centen in het afwaschkommetje, dat tevens als geldbakje dienst doet.

Dan, langzaam etend, bekijkt hij den waringin, die als een groote reus aan den weg staat. Zijn lange luchtwortels hangen neer tot op den grond en in zijn pruik van duizenden glimmende blaadjes nestelen vele reigers. Onrustig door het heldere licht van de volle maan vliegen ze van tijd tot tijd, zachtjes knjschend, en met de vleugels klappend even op.

Een vleermuis fladdert heen en weer, mugjes happend bij de olielamp van de warong.

Uit een dessa klinkt gezang: droomerige zachte wijs,