is toegevoegd aan uw favorieten.

Blank om zes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glas bier zat, was dat niet noodig. Het was immers maar een kennismaking geweest, dat bezoek op de Doomenburg, de beslissing kon later volgen.

Hij trad op het tafeltje van van den Drift toe, die dadelijk opstond en hem lachend de hand drukte, zeker om hem meteen te bewijzen dat hij een „good looser" wist te zijn.

,,Ze zijn hier allemaal, geloof ik," zei Jaap zacht.

Van den Drift gaf hem een knipoogje en lachte.

„Komt U bij me zitten. Mag ik U iets offreeren?"

Ook dat nog, de goeie kerel. Dat was nog eens zielenadel! En Jaap wilde het ook niet weigeren en zat weldra met een glas bier voor zich.

„Tja," zei van den Drift dan zacht na het: „Prosit" van Jaap, „ik geloof toch . . ." en hij keek even omzichtig rond, „dat het beter is als ik het U meteen maar vertel. Ik ben de gelukkige!"

Jaap zag hem aan.

„De gelukkige," herhaalde hij. „Hoe bedoelt U?"

Was de vent dronken?

Van den Drift haalde zijn portefeuille voor den dag en legde voor Jaap een papier neer. Jaap uitte een kreet van verbazing! Het was een contract, een woordelijk met het zijne gelijkluidend contract, met alleen het verschil in den naam van den „contractant ten andere" zooals de term luidde!

„Wat kijkt U me vreemd aan," zei van den Drift.

„Dat is een mystificatie," fluisterde Jaap.

„Hoezoo?"

Jaap antwoordde niet, haalde eveneens zijn portefeuille te voorschijn en reikte van den Drift zijn eigen contract toe.

„Goeie Hemel! Daar moet een misverstand in het spel zijn!" kreet van den Drift ontzet.

Jaap knikte, hij moest zelf ook een paar maal slikken