is toegevoegd aan uw favorieten.

Blank om zes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oude heer keek eens naar Pipsy, die lachte en het hoofdje schudde.

„Ja," sprak de eerste dan, „mijn kleindochter heeft U al verklapt, dat die oude Barones in feite al lang dood is, hé? Ik vind ook hoor, dat men zoodoende de zaak noodeloos spookachtig maakt. Maar hoe dat ook zij," vervolgde hij met eenige stemverheffing. „Dat moet Vignol maar weten! Die is haar voogd en ik als toeziende voogd heb alleen maar toe te zien, dat er ten opzichte van Thoortje geen ongerechtigheden gebeuren en daar bestaat geen vrees voor!"

„O nee, zeker niet!" riep Jaap uit. „Bovendien geloof ik, dat Freule Thora een persoonlijkheid is, ik bedoel een meisje met een zeer zelfstandig karakter."

„Anders gezegd een lastige leerlinge," begreep de oude heer.

„Eenigermate," gaf Jaap toe.

Pipsy, die een paar passen voor haar grootvader uit liep, wendde zich half om en vroeg:

„Heeft U dat al persoonlijk ervaren?" en er was een lichte spot in haar toon bemerkbaar.

„Ervaren niet zoozeer. Het is een indruk," antwoordde Jaap wat strak.

„En ik geloof een juiste," zei de oude heer. „Ik wil U ook wel verklappen dat Thora zelf met de getroffen maatregelen nu niet zoo bijster ingenomen is, maar haar voogd en ik zijn nu eenmaal gehouden ons te gedragen naar wat er is gedecreteerd. En notaris de Haas, „der Dritte im Bunde" is een zeer gemoedelijk, maar ook een zeer consciëntieus man met wie je het niet gemakkelijk op een accoordje kunt gooien. Sed lex dura lex, dat is de regel, waaraan hij zich gaarne vastklemt!"

„En wat beteekent dat, Opa?" vroeg Pipsy.

Hij lachte.

„Dat beteekent, dat kleine meisjes niet meer be-