is toegevoegd aan uw favorieten.

Hotel "De Springende Baars"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOTEL „DE SPRINGENDE BAARS"

het altijd met zachtheid probeeren. Het zijn ezels moet je rekenen,"

„O, we kunnen ook wel even wachten tot ze uitgepraat zijn," antwoordde Herman. „Waar dient die zweep voor?"

„Tegen de vliegen. Toe dan makkers, een beetje met luste."

„Zetten jullie dat gesprek liever thuis voort," ried Herman, die er nu ook plezier in kreeg.

„Heel goed," prees Dirk, maar als de ezels nochtans bleven fluisteren. „Je bent nog een pietsie te barsch tegen ze. Weet je, ik prikkel hun ijdelheid wel eens," sprak hij zacht en dan plotseling luider: „Och, het zijn maar oude beestjes zie je en ze zijn eigenlijk veel te zwak om dit lichte wagentje . .

„Hola!" schrok Herman, die bijna achterover sloeg, want ineens trokken de ezels nu gelijk aan en brachten het rijtuigje zoo met een schok aan het rollen.

„Goed zoo, braaf, braaf!" prees Dirk.

„Zijn hier heelemaal geen auto's?" vroeg Herman, die een beetje verwonderd naar den muilen zandweg keek.

„Nee, wel als je de andere kant uit gaat, daar is een gewone weg, die met klinkers bestraat is, maar in deze richting naar het hotel en zoo, vindt je alleen mulle zandwegen net als deze en als het geregend heeft zijn dat modderpoelen."

„What is the big idea?"

„Zal ik je wel eens uitleggen. In het hotel is een van de gasten met een twoseatertje gekomen, maar ik geloof niet, dat hij dat ding nog ooit weer uit de stal krijgt. Er waren twee veeren gebroken, de stuurinrichting is heelemaal onklaar en de motor kraakt