is toegevoegd aan uw favorieten.

Hotel "De Springende Baars"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOTEL „DE SPRINGENDE BAARS"

als een koffiemolen. Aardig landschap, hé?"

„Ja, wijd en vredig," antwoordde Herman rondkijkend. „Prachtige luchten! En waar is nu het meer?"

„Recht vooruit," wees Dirk met de zweep, „daar zie je ook de bosschen, dat blauwe daar en daarin ligt het kasteel van Baron van Vreesewijck. Je kunt een stukje van de witte gevel zien. Maar aan die Baron hebben we het nu te danken, dat deze en ook nog een stuk of wat andere wegen, niet verhard worden. Een zeer bizonder mensch. Je zult hem wel eens ontmoeten. Ho! ... O, blikskater, daar zitten ze weer verdwaald in mekaars pooten. Toe nou, jongens!"

„Kiesch, kiesch, kiesch . , , lieve, brave beestjes!" vleide nu ook Herman.

„Het is maar een grapje. Ze zijn zoo sterk!" zei Dirk.

De ezeltjes trokken alweer.

„Hotel goed?" vroeg Herman,

„Puik. En goed bezet ook. Een internationaal gezelschap."

„Och, kom. Vrouwen?"

„Twee, Een Fransche en een Italiaansche. Meer interessant dan knap en dan een stuk of zes heeren; een Pool, een Amerikaan, een Belg, een Engelschman en ook nog een Hollander."

„Allemaal visschers?"

„Nou en öf! Amateurs eerste klas. Die Engelschman of een Ier is het eigenlijk, die heeft foto's bij zich uit de Sketch. Daar staat hij op met een zalm van 48 pond, die hij ergens in Schotland heeft gevangen en op een andere kiek staat hij met een vangst van 26 forellen, die hij gehaald heeft uit de Nipigon rivier in