is toegevoegd aan uw favorieten.

Hotel "De Springende Baars"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOTEL „DE SPRINGENDE BAARS"

Kool. „Bitte, another cup of thee, s'il vous plait! Zonder melk, sans lait, senza latte!"

Baron van Vreesewijck trok even wat verbaasd zijn wenkbrauwen op.

„O, dat is die luidruchtige meneer," sprak hij dan lachend, „maar meneer Winter wat ik zeggen wilde, ik zal het buitengewoon op prijs stellen als ik U eens op de Vreesewijck mag zien."

„Dat is heel vriendelijk van U," antwoordde Herman, „en ik zal daar ook heel graag gevolg aan geven. Op welk uur van de dag schikt het U het beste?"

„Wel, ik zou zeggen . , . tja, hier meneer Molenaar zou vanavond bij me komen schaken. Komt U mee, dan schaken we natuurlijk niet, als meneer Molenaar zich daar tenminste mee kan vereenigen."

„Ik heb er niets op tegen," sprak Dirk,

„Nu heel graag dan, meneer van Vreesewijck," sprak Herman.

„Mag ik de heeren dan verwachten tegen acht uur vanavond?"

„Met heel veel genoegen," antwoordde Herman en Dirk knikte instemmend.

„Dan stoor ik U nu niet langer in uw borrel. Au revoir, meneeren."

Baron van Vreesewijck drukte de twee vrienden de hand, boog hoffelijk in de richting van het overige gezelschap, welke hoffelijkheid echter maar zeer koeltjes werd beantwoord, behalve door meneer Schandevel, die nogal luid: Au revoir m'sieur! riep en verliet dan de zaal.

Even later zag Herman den Baron wegrijden in een hooge, ouderwetsche sjees, welke getrokken werd door een dik bruin paard