is toegevoegd aan uw favorieten.

Hotel "De Springende Baars"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOTEL „DE SPRINGENDE BAARS"

„Hoeveel... hoeveel tijd heb je noodig om te repareeren?" vroeg hij schorrig.

Fernand haalde zijn schouders op.

„Die buizen moeten er uit en vernieuwd worden en daar heb ik geen reserve deelen van. Ik kan ze démonteeren en de deuken er uit kloppen, maar dan sla ik ze waarschijnlijk lek en dan vliegen we zoo in brand ..

Het hoofd van den heer Tulescu zonk wat op zijn borst.

„Dus dan kunnen we niet weg?" vroeg hij zacht.

„Niet voor morgenochtend."

„Fernand", fluisterde de heer Tulescu, „dit is opzet■.

Fernand knikte.

„Ik vrees het ook ... Maar wie?"

„Hij... hij.. . de man, die we meebrachten van de Vreesewijck ..

„Waarom schieten jullie niet op?" klonk buiten plotseling de hooge stem van Irene, die steeds met Erich bij de startblokken wachtte.

De heer Tulescu verliet het vliegtuig en Fernand volgde hem traag.

„De motor is kapot, we kunnen niet weg," sprak de laatste op zenuwachtigen toon.

„Motor kapot? Kun je dan niet repareeren?" vroeg zijn moeder.

„Niet voor morgen," antwoordde nu de heer Tulescu. „Kom, er is niets aan te doen, we zullen hem terug brengen in de hangar."

Er was iets opgewekts geweest in de wijze waarop de heele familie straks het toestel naar buiten had

Hotel „De Springende Baars",

12