is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooverlantaarn

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen meester Menardie op Zaterdagmorgen naar gewoonte even aanliep op het stadhuis zei hij ook alleen maar:

— Bonjour mééster. —

Hij gebruikte met opzet die betiteling „meester", die hij voor een schoolmeester een beetje kleineerend vond.

En meester Menardie antwoordde:

— Gegroet héér Billeman. —

Billeman zou niet hebben kunnen zeggen waarom, maar hij voelde zich op zijn beurt geprikkeld door dat „héér Billeman".

Tot deze kleine schermutselingen, betreffende de wederzij dsche titulatuur bepaalden zich evenwel hun vijandigheden.

Billeman vervolgde, vlak en correct: — Ga zitten, meester. Kijk's, hier zijn de stukken voor de vacature van onderwijzeres. Zie ze thuis maar eens door. We hebben hier al eenne... voorloopige schifting toegepast. Wat niet erg wenschelijk scheen... te veel dienstjaren etc— een beetje onderaan gelegd. Tja ... u ziet dat wel. De... eh... burgemeester is er bijzonder op gesteld, dat de bovenste van den stapel wordt opgeroepen voor het geven van een proefles. —

— Hm! — zei meester Menardie en onder den scherpen blik van zijn lichte oogen begon het onrustig te flakkeren in Billemans vlakke vijvertjes.

Meester Menardie vond „heer Billeman" een te armzalige prooi om lang mee te spelen. Zijn oogen Heten hem snel weer los en zijn gespierde, gebruinde hand reikte naar het stapeltje witte papieren.

Eigenlijk interesseerde hij zich in het geheel niet voor deze vacature. Hij had aan zijn school een staf van personeel ge-