is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooverlantaarn

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mal-plechtig, de smalle voetjes in de lucht, door de kamer. Het was als een heel zotte droom.

Fenne had maar één gedachte: Gelukkig dat ze tenminste een broek aan heeft. — Tot spreken was ze heelemaal niet meer in staat. En het was al weer voorbij ook. De kleine schooljuffrouw stond netjes op haar voeten.

— Er is maar één ding, dat ik werkelijk goed kan en dat is gymnastiek. En dansen misschien. Als ik een danseres geworden was... Floortje Désire is een goede naam voor een danseres. Fenne, jij bent een hemelbruid. Niet Maria. Zoo maar een hemelbruid. Ik weet niet waarom. Er is iets van hemel en van bruid aan je. Iets blauws, verafs, onbenaderbaars. —

Fenne bleef in de kamer, hoewel ze er niets meer had te doen. Ze bleef gebannen kijken en luisteren als kinderen kunnen doen naar een onbegrepen spel.

Nu was het travestiejongetje weer een meisje in een onderjurk van rose zij met kanten pas. Nu was het zelfs een zedig en ingetogen meisje in een donkerblauw jurkje met witte moezen en een wit, rond den hals sluitend kraagje.

Fenne... —

Als je nieuw bent op een nieuwe wereld, wat is er dan eindeloos veel om je over te verwonderen. Zou Eva ook zoo vaak „Adam" gezegd hebben als Floortje nu „Fenne" zeggen moet?

En Fenne, ze kan het niet helpen, de bekoring is sterker dan wat zich in haar weert tegen die spontaniteit als van een jong dier, die ze bijna onwelvoeglijk vindt — Fenne glimlacht. En als ze eindelijk zich heeft los gemaakt van het kijkspel, dan heeft ze voor zichzelf besloten, dat ze „Moe" van deze belevenissen niet vertellen zal en dat ze Moe 's ochtends van