is toegevoegd aan uw favorieten.

Alles komt terecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

samen naar het dorp geweest. Hélène bloosde en lachte:

„Het is warm als men loopt." Willem zag er eer bleek uit, scherp van gezicht, in den rook van een sigaret. Hij zei: „Een morgenwandeling doet waarachtig goed." Ik antwoordde: — „Dat moet ge dan maar dikwijls samen doen." En meteen was er tusschen ons drieën een aarzeling, die misschien nog meer van gêne weghad.

Ik had nochtans zonder bijbedoelingen gesproken, al erken ik, dat Willem voor mijn gevoel een onbehagen in huis had gebracht. Willem ging zijn goed ophangen in de gang, — er was maar even de vage plooi van een glimlach om zijn mondhoeken geweest. Hélène nam mijn hand, drukte ze vergoelijkend en zei: — „Ik zou het prettig vinden indien wij van Willems verblijf bij ons een plezierige partij konden maken."

„Ha? Doe dat gerust, als u dat mogelijk is."

„Neen, ik zou willen dat gij meedoet?"

„Ik zal doen wat ik kan," beloofde ik, vol goeden wil, doch zonder allen argwaan tegen Willem van mij af te kunnen zetten. Toen hij weer binnenkwam, spande ik mij in om een hartelijk gebaar te maken. Ik ging op hem toe, lei een hand op zijn schouder en, besloten om mijn geheime zorg maar ineens te luchten, voerde ik hem mee naar de fauteuils vóór het tuinvenster, deed hem