is toegevoegd aan uw favorieten.

De koets

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huis, geld verdienend en mistevreden. Een zuur mirakel was 't geworden, omgang had ze met niemand. Met geen enkel burgermensch uit den winkelstand. Nu moet je niet gelooven, dat ik zoomaar toegebeten heb. Lang niet. Eerst ben ik begonnen bij Dina thuis weg te gaan, de bewijzen waren niet tegen te spreken. En 'k wou dat jonge ding niet de kast in helpen. Juffrouw Aaltje wist direct al een ander burgerkosthuis voor me. En een paar maanden nadien ging ik er toch op in. Ze wou en zou me hebben, eenpoot of geenpoot, 't was allemaal goed. Een manspersoon uit de kramerij, bekend met het vak, uit een familie die er in was opgewassen door de jaren heen. Zoo een wou ze hebben en geen ander. Maar als ze nou maar blond geweest was.... Ze zei dat ze zich de haren ook nog blond zou laten verven voor mijn persoon, maar dat is toch het echte niet. Kon ik van haar ooit een blond kind verwachten met zwarte oogen? Eigens was ze kraaizwart, zoogoed als ik. 't Was nog de vraag, of ik er een zwart kind van mocht verwachten op dien ouwer. Yan haar gehouden heb ik niet. Maar 'k ben er toch ingestapt, ik trouwde een vrouw, een winkel, een bestaan. Maar wel heb ik altijd respect voor haar gehad en gehouden.

Maar ze wou geen kinderen. „Kinderen?" vroeg ze, voor ik ja had gezegd op haar voorstel, wat moet ik nog met kinderen beginnen? Ik neem jou en de zaak, om oud niet alleen te zijn. Over twintig jaar ben ik een oude vrouw. Wat heeft dan een kind aan mij. Als je kinderen wilt, ga je maar op een ander."

„Dan ga ik op een ander," zei ik en op dat moment heb ik dat mensch gemeen gehaat. Welke vrouw wil