is toegevoegd aan uw favorieten.

De koets

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

breekt of van zijn toonbank valt. En al houdt hij die zakjes tijdens dat rappe spel maar slordig vast aan het puntje, ze mogen niet breken of open vallen.

Natuurlijk zijn er ook kruideniers geweest die slaagden en schatrijk werden, omdat ze weemoedig in de verte staarden, of omdat ze een gouden medaillonnetje goed zichtbaar op hun buik heten bungelen, met een portretje er in van een dood kindje. Dat het kindje dood was, zag men direct aan het lauwertakje van goud terzijde van het delicate sieraad. Toch is het wederom niet iederen kruidenier gegeven op deze wijze succes te verwerven. Er was eens een schoorsteenveger die kraakhelder zijn diensten aan kwam bieden en na het roetige karwei wegsloop, om zich eerst thuis te gaan wasschen. Daarna pas kwam hij om zijn loon. Toen hij van zijn geld ging leven, had hij twaalf knechten aan het werk. Hoe kan die man altijd zoo bhnkend helder zijn bij dat vieze ambacht, dachten de kinderen. Ja, hoe zou hij dat toch leveren, dachten toen ook de moeders en natuurlijk vergaten ze daardoor, dat er ook nog gewone zwarte schoorsteenvegers in de stad bestonden. Maar zijn opvolger boerde straf achteruit. Vanwege de schrikkelijke concurrentie, — zei die man. En m n voorganger? die heeft alleen maar dom geluk in zaken gehad, — zei die man.

De borstelkoopman langs de deuren die in een afgedankt livrei verscheen, een zwart gesloten jasje en op z n drankorgelkop een platte zwartlakensche pet, met glanzende klep en embleem, verkocht natuurlijk overal z n boenders en borstels grif. Dat een geschoren bedelaar geschoren uitkomt weet een ieder. Maar dat twee