is toegevoegd aan uw favorieten.

De koets

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zie je vrouw, zie je al deze mooie waardevolle dingen? Je weet hoe ik er van hou. Je weet dat goed."

„Ja goed."

„Ik sla dat alles liever kort en klein met deze tang, eer ik gebeuren zag, dat weer een kind zou sterven in je lichaam. Want nu we weten dat er een mogelijkheid bestaat . . . ."

„Arend," zei ze benepen, „leg die tang toch neer, wildeman. Ik zal het voor je doen."

Een half jaar daarna ving haar temptatie aan. Hij heeft ditkeer niet hoeven te wachten, tot ze hem haar toestand toevertrouwde, want ze was ineens nog kleiner geworden en alle lust tot het leven schrompelde weg. Zoo begon Treesje in verbeten wanhoopsstemming haar passieve taak.

Het zijn voor haar en Arend versplinterde weken geworden. Arend was zoo zorgzaam voor haar, kwam zeker tienmaal per dag aan het bed van de gezonde die daar lag en duldend wachtte, wachtte .... hij droeg boeken aan, puzzles, spelletjes, om haar maar afleiding te bezorgen. Ze nam alles aan, klaagde nooit, maar ze lachte ook nooit. En ze zong niet meer. En ze vroeg nooit naar de zaak. Ze wilde niets weten, zei ze, als Arend probeerde haar aandacht gaande te houden; niets van reizigers en hun collecties, van nieuwe dessins en nieuw lingerie: „Ik hg hier voor dood," zei ze toonloos, „en mij gaat niets meer aan."

Dat heeft ze een half jaar volgehouden, spaarzaam in haar woorden en klachten, tot ze op een middag van een der winkelmeisjes, dat naar haar toestand even