is toegevoegd aan uw favorieten.

Adelaarsvlucht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

man hebben. Als hij dan zelf geen zin aan je had of er al een andere vrouw op na houdt, dan had hij je wel overgedaan aan een van zijn vrinden. Maar geborgen was je voor je leven. En je had een man!" Met pierende oogen, vol belangstelling wat juffrouw Olga op die grappen zou antwoorden, lachte hij maar tegen haar.

„Ik wil een man hebben, maar ik wil geen vloeker, zooals die daar," zei ze, en ze was nu al evenmin onder den indruk van den humor van den joligen boer Schuiteman als ze daareven geweest was in de nabijheid van de hoogheid van dien edelman.

Schuiteman, die het leven kende, had er zijn draai in om wat te dollen met de onervarenheid van dat jonge meisje. In zijn overmoed vroeg hij met een lachend gezicht: „Wil je mij dan hebben, juffrouw Olga, juffrouw Olga Gratama met je ernstige gezicht als van een kloosternonnetje? Zou je mij wel willen hebben?"

Hij lachte haar vlak in haar gezicht uit.

Zij keek hem stroef aan met haar zwarte oogen, die zoo'n rare uitdrukking hadden soms, waarom de dorpsmenschen wel zeiden, dat ze als kind behekst was geweest. Toen Frits Schuiteman maar een beetje bleef grinniken, omdat hij wat onder den invloed van den ■grooten ernst van dat kind kwam, dat zijn joligheid maar niet wilde overnemen, ging ze vlak vóór hem staan en zei: „Ja!"

De rijke boer draaide om, stapte op en hield beide handen aan zijn buik, zóó uitbundig moest hij lachen. Toen hij een paar stappen weg was, draaide hij zich om en riep de zwarte juffrouw na: „Hoor eens, juffrouw Olga." Want hij kon het niet hebben, dat zijn humor dezen keer niet overwonnen had. Hij wilde het nog eens probeeren. Zij bleef staan, en keek naar hem om. „Waarom zou je mij dan wel willen hebben? Ik ben een ouwe kerel, een domme boer, en u bent een juffrouw, de dochter van een strengen rechter."

Hij stond te schudden van den onbedaarlijken schik.