is toegevoegd aan uw favorieten.

Adelaarsvlucht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

binnen, gelijk met den lakei — Olga Gratama kan met haar tachtigjarige voeten nog wel in de gevangenis komen. Zij versmaadt het koninklijke rijtuig. — De koning was al bij de deur. — En als ik loop, zal het meer indruk maken op de bevolking — de koning was in de vestibule — van de stad en heel het land." Met haar laatste woorden bewees de oude vrouw, die zich met den politieken toestand van haar stad in geen jaren had bemoeid, dat ze de heele bedoeling van dit bezoek en het hare morgen aan haar zoon begreep: het was alles slechts vertooning om te laten zien, hoe goed en gemeenzaam de koning toch was.

Dienzelfden avond was in de hoofdstad alles bekend van het bezoek van den koning aan de weduwe Schuiteman, „om haar geluk te wenschen met de herstelling uit haar laatste ziekte." De heele zaak werd in den breede uitgemeten. Zelfs kwam er veel in voor, wat bij het bezoek besproken moest zijn.

Maar dat werd meegedeeld onder het motto: „Men zegt." Het was alles, van het begin tot het einde, een opgezet, politiek stukje.

De oude vrouw draaide daarbij haar rol voortreffelijk af.

Den volgenden dag verscheen ze voor haar deur. Een stok had ze in de hand. De laatste malen was de weg naar de nabije kerk haar al zoo zwaar gevallen. De weg naar het Kasteel of de gevangenis was zeker drie maal zoo ver als die naar de kerk.

Als altijd was ze in het zwart. Voetje voor voetje ging het. Men wist het natuurlijk, dat ze gaan zou. Als de hoofdpersoon in de slotacte van een treurspel, zoo stapte ze daarheen. Haar houding had al jaren iets theatraals, vooral na den val van haar zoon. De belangstelling was groot. Allerwege groette men eerbiedig. In het eerst knikte ze. Ze liet het gauw na, zeker uit vermoeidheid. Een vreemde verschijning, met haar zonderlinge kleedij, een mode van veertig jaar geleden. Telkens moest ze even stil staan, om te rusten.