is toegevoegd aan je favorieten.

Naar de Tapajos

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is,” zei Ben. „Enfin, we zullen maar denken, de lui waren in die tijd nog niet wijzer.”

„En zo zullen we te zijner tijd dan afreizen naar Spanje, ”stelde Tom vast, „om de middelste bronrivier van de Tapajos op te sporen.

Alleen stel ik voor dan een flinke voorraad proviand mee te nemen, meer dan we nu vanmorgen bij ons hadden. Ik ben er door en ik rammel van de honger.”

„Geneer je daar niet voor,” kwam Ben goedig, „rammel gerust. Mij kun je ook op een uur afstand horen.”

„Dan hebben we mekaar niks te verwijten,” lachte Tom. „Maar laten we aan dat gerammel dan een eind maken en wat gaan eten.”

En Tom en Ben stapten op hun karretje en vlogen de helling af, waar ze een paar uur geleden met zoveel moeite tegen op waren getrapt, ’t Kostte niet veel moeite om in deze omgeving, waar zoveel toeristen kwamen, een geschikt restaurant te vinden, waar ze weldra hun honger gestild hadden. In verschillende winkels voorzagen ze zich daarna nog van proviand voor de avond en de nacht en toen keerden ze belast en beladen weer terug naar hun bruine beuk, waaronder ze van plan waren de nacht door te brengen.

De zon was al onder de horizon verdwenen, toen ze er weer aankwamen. Ze behoefden zich maar enkele passen zijwaarts van de weg te begeven en vonden dan tussen het struikgewas al een plekje, waar ze geheel voor ’t oog van de voorbijgangers verborgen waren.