is toegevoegd aan je favorieten.

Tusschen potten en pannen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lot trok de deur open. Een stroom speelgoed kwam haar tegemoet. „Oh genade, wat een rommel 1 Nou, die zal ik vanmiddag maar eens opruimen. Hier Bobberd, heb jij vast een slurfje,” en zij diepte uit den chaos een stukje krijt op.

„Laat maar Lot, ik zal de kast wel eens opruimen als ik weer op ben,” merkte Rieti laconiek op.

„Zullen we wel eens zien,” beloofde Lot, maar nam zich heilig voor de kast vóór zij ging, op orde te brengen. Die Riet, wat een typel

„Jij bent wel lief,” merkte Bobby peinzend op.

„En jij bent een schat,” en Lot pakte hem eens eventjes.

„En nu gauw aan de kousen, ik kom er anders nooit doorheen.”

„Nou, dat is nog geen ramp. Ik heb er nu geen zin in. Je oogen gaan zoo raar doen als je liggende stopt, maar ik zal je, als ik op ben, wel helpen. Trouwens, die mand is in de vijf jaar, dat ik getrouwd ben, alleen maar leeg als Dick’s Moeder een week geweest is. Ik zamel ze voor haar en zij rekent er al op. Ik geloof werkelijk, dat ik er haar nog een reuzen plezier mee doe ook en ikzelf vind het een gruwelijk vervelend werkje.

„Nu, ik ben er ook niet bepaald dol op, maar als je zoo met je tweeën een beetje erbij kunt zwetsen, vind ik het nog wel genoegelijk. Hè, ik hoop, dat er vandaag eens een brief van Ank komt, het zal een lange zijn. Verleden week had zij geen tijd door die bloemententoonstelling, waar zij met haar orchideeën moest pronken. Gek, het lijkt mij zoo ideaal en toch