is toegevoegd aan je favorieten.

Guus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

drempel verscheen Amelia. Glanzend als nooit tevoren.

’n Krakende boezelaar van zwarte zij en ’n prachtig boeket vergezelden haar.

Voor ’n bloemenfee was haar figuur wel wat omvangrijk, maar haar trouw gezicht ademde ’n goedheid, die geen enkele fee misstaan zou.

De feestvreugde laaide weer hevig op, toen tante Amelia het „opmerkelijk kind” goeden dag gezegd had, op ’n zeer „pakkende” manier.

De schilder doorstond ’n trommelvuur van komplimenten over z’n schitterend werk. Ofschoon ie zich met handen en voeten tegen al die loftuitingen verweerde, was ’t hem aan te zien dat ze hem goed deden. Inderdaad, nooit nog was hij over ’n voltooid werk zo tevreden geweest als over dit kleine doekje. En meer dan de hoogste bekroning waren hem de lachende ogen waard van Marianne, die smulde van de opgetogen verrassing van pa. Deze had opmerkelijk veel tijd nodig om er overheen te komen, en blèèf zich afvragen, hoe ze het toch in ’s hemelsnaam zö meesterlijk voor hem had kunnen verbergen.

Deze overgrote blijdschap stelde de kleine ruimschoots schadeloos voor de ontzaggelijke inspanning die dat gekost had.

Ook de schilder was van ’n zware last bevrijd, nu ie het brandend geheim niet meer in z’n hart hoefde te bewaren. Voor Amelia was dat iets anders. Die had intussen alweer zoveel vertrouwelijke mededelingen van Marianne ontvangen, dat ’t op een meer of minder niet aan kwam.

Nu verhuisde de hele feestvergadering voorlopig naar de tuin, om daar tot het donker werd van de feestverlichting van de zon te profiteren.

Hier verhaalde oom Amoldi tot aller vrolijkheid z’n eerste