is toegevoegd aan je favorieten.

Orpa, het eiland in den Niger

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PRINS AROENA

konrng echter een beker overhandigde, nam ik er zelf een teug uit, overeenkomstig de gewoonte in het land en als bewijs, dat ik hem geen vergif liet drinken. De bruisende, prikkelende drank had het gewenschte effect. Het illustere gezelschap liet zich bewonderend uit over smaak en uitwerking en verliet in verhoogde stemming, doch steeds nog in waardige houding mijn woning. Aan den koning gaf ik den beker, waaruit hij gedronken had, als souvenir mee. Erkentelijk voor het geschenk en de ontvangst, noodigde hij mij uit om dien avond zijn gast te zijn, wanneer hij en zijn kring toekwah zouden drinken, een invitatie, die ik verheugd aannam, want het was een bewijs, dat mijn receptie in den smaak gevallen was en de vriendschap gesloten. Prins Aroena, die niet meegedronken had en slechts met een droefgeestig lachje had toegezien, drukte mij bij het heengaan vluchtig, doch stevig de hand.

De rest van den dag bracht ik alleen door, slenterde op mijn gemak door de uitgestrekte negerstad en veroorzaakte overal door mijn verschijning de grootste consternatie. Het paleis van Monogbama lag in het centrum, omgeven door de hutten en woningen van zijn dertig vrouwen met hun talrijk kroost. Dit complex vormde een dorp op zich zelf en werd door schildwachten bewaakt. Vlak voor het paleis, dat geheel uit leem was opgetrokken met een hoog dak van palmbladen om de hitte te weren, was een plein. In het midden er van verhief zich een enorme boom, in welks schaduw men den koning en zijn ministers bijna den geheelen dag zag zitten in een levendig onderhoud en vaak heftig gesticuleerend.

Intusschen bleef Koendigbita weg. Pas laat keerde zij terug, juist op tijd om mij te weerhouden van een domheid, die ik bijna uit onwetendheid had begaan. Tegen zonsondergang liet Monogbama mij afhalen door een bode, die mij naar de vergaderplaats bracht onder den boom op het plein. Ik trof er, behalve den koning en de mannen, die hem dien morgen hadden