is toegevoegd aan je favorieten.

Jongens van de evenaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JONGENS VAN DE EVENAAR.

het water schoot. Gelukkig liep het nog goed af en slaagden zij er in, langs de oever te komen. Daar kwamen de dorpelingen al aansnellen, nieuwsgierig om te vernemen, wat de reden van hun komst was. Jack riep, dat zij Lolo kwamen halen. O, ja, Lolo was hier wel, maar hij mocht niet mee. Niet mee? Waarom niet? Wel, Lolo was toch van huis gelopen. Nu moest hij voor straf thuisblijven.

„Net wat ik dacht,” zei Jan. „Maar zo gemakkelijk laten we ons niet af schepen. Kom Teddy, we gaan aan land. Neem jij je onfeilbaar toverinstrument mee, dan zorg ik voor de zeep.

Nieuwsgierig aangestaard door de toegelopen menigte, trokken zij het dorp in. Zij hadden al gehoord, dat Lolo's vader hier burgemeester was. Toevallig was de burgemeester van huis. Hij was op bezoek bij een vriend in een ander dorp, niet ver van daar. Jan zond Jack er heen om Lolo s vader te halen en uit te nodigen tot een bezoek aan de „Zwaluw". En intussen begon Teddy de bewoners van Angom op een concert te onthalen.

Het gerucht van hun komst en natuurlijk ook de muziek drong door tot de hut, waar Lolo zijn verdriet over de scheiding zat uit te snikken. Zijn moeder stond buiten rijst te stampen en riep af en toe, dat hij nu eindelijk met dat gesimp moest ophouden. De goede vrouw kon maar niet begrijpen, waarom haar zoon het op Baraka heerlijker vond dan in Angom. Plotseling staakte