is toegevoegd aan je favorieten.

Teus ziet het spoor

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hij merkbaar opgelucht scheen als er aangekondigd werd, dat de auto weer voor stond.

Tussen Teuna en Wout was er dadelijk een bizondere genegenheid gegroeid. Iets van een dieper begrijpen, dat mogelijk zijn oorzaak vond in de oefenschool, die Teus met Dik doorlopen had.

„Nou/' vertelde mevrouw Meyendaal, „je begrijpt, dat de kinderen heel verbaasd keken naar de kat, die daar zo rustig op de schutting zat. Hadden ze het nu gedroomd of was hij het werkelijk geweest, die Johannes gekend had?

En toen opeens, rekte de kat zich uit en begon opnieuw te spreken met een lage zware stem en rollende r's.

En mevrouw Meyendaal voerde tot groot vermaak van de jongens de kat half acterend ten tonele.

„Rerau," gromde hij. „Johannes heb ik niet gekend en behoorlijk luisteren zullen jullie wel nooit leren. Ik heb eens een grote geelharige kat ontmoet en die heeft me alles gezegd, wat ik jullie verteld heb. Het was een wonderlijke kat met prachtige amberkleurige ogen. Nog nooit heb ik bij èèn schepsel zulke ogen gezien. Van hem heb ik spreken geleerd, hoewel het wijzer is om te zwijgen, want de mensen praten al genoeg en de wereld is er nog nooit iets mee opgeschoten, vind ik."

„En heb je Simonet ook niet gekend?" vroeg een van de kinderen bedeesd.

Simonet, die immers zo zelfzuchtig was als een mens. Johannes bad nooit voor Simonet, omdat hij vond, dat deze geen gebed nodig had en misschien had hij wel gelijk, want Simonet was zwijgend en wijs. Die keerde zich wel van zelf naar het grote Licht, omdat in zijn ziel nog de herinnering leefde aan Broeder Wolf, de vriend van Franciskus. Och en als hij zelfzuchtig was, dan hadden