is toegevoegd aan je favorieten.

Het graf van den Amonpriester

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den geweldigen Nubiër aldus zonder gevecht tot den aftocht dwong. De kleinste van beiden stond namelijk met den rug naar Svendsen toe en veranderde geen millimeter van plaats.

Toen plotseling boog de groote kerel zich snel naar voren en wierp zijn mes met enorme kracht naar zijn tegenstander.

Een kreet weerklonk. De groote Nubiër snelde de deur uit... « De ander sprong als een tijger naar voren en rende achter zijn vijand aan.

Het gebeurde speelde zich in slechts enkele seconden af, zoo snel, dat niemand eigenlijk goed en wel besefte hoe het geval zich had toegedragen.

Alleen Svendsen wist dat. De grootste Nubiër had zijn tegenstander gemist. Het mes was rakelings langs Svendsen's hals gesuisd en was met enorme kracht in den houten wand achter hem gedrongen, waar het nog met een zacht zoevend geluid natrilde.

Svendsen zag zoo wit als een doek. Zoo dicht was de dood hem nog niet te na gekomen. Enkele centimeters verschil en het mes zou hem den halsslagader hebben doorgesneden. Onwillekeurig greep hij naar het wapen en trok het met een ruk uit den wand .... Hij mocht het nog eens noodig hebben, tegen een nieuwen aanval.

Dwaas! dwaas! schold hij zichzelf. Dit was immers geen aanval. Dit was alleen een speling van het noodlot.

Hij dwong zichzelf te gelooven, dat hier niets anders gebeurd was dan dat de Nubiër zijn worp verkeerd berekend had. Maar diep in hem knaagde de verdenking, dat een geheimzinnige macht het mes had doen afwijken in zijn richting.

Hij vluchtte naar zijn kamertje, maar kon natuurlijk niet slapen. Bijna den heelen nacht woelde hij om en om op het armelijke hotelbed en trachtte zichzelf gerust te stellen. Als hij maar eenmaal ver van Egypte was, zou alles wel beter worden.

Tegen den ochtend viel hij pas in slaap, maar werd gekweld door afschuwelijke droomen.

Met barstende hoofdpijn stond hij op en probeerde stelselmatig nergens anders aan te denken dan aan de verlossing, welke eindelijk moest komen als het schip hem naar Marseille bracht.