is toegevoegd aan je favorieten.

Barta en de blokhut

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BARTA EN DE BLOKHUT

weest, dat de eieren leeg waren,” riep Tom lachend.

„Gaaien en kraaien zyn nestenrovers, dat heeft meester meermalen verteld. Jonge vogeltjes eten ze ook gewoon op.”

„Maar nu zitten wy met de gebroken eieren,” merkte Barta op.

„We hebben er genoeg, die niet stuk zijn,” oordeelde Wil. „Kom, laten we onze wederwaardigheden eens gauw aan mevrouw gaan vertellen.” Deze kwam juist naderbij om eens te zien of de ontbrekende eieren al gevonden waren en dadelyk kreeg zy het relaas te horen.

Daarna werd binnen de buit verdeeld.

’s Middags wandelden vader en de jongens naar de Paaswei om te zien, hoe groot de stapel nu ten slotte was geworden. Het was een reusachtige hoop.

„Vanavond wordt er petroleum op gegoten en daarna steken ze den stapel aan,” legde Tom uit.

. Tegen dat het donker werd, waren vader en de ider jongelui alweer op het terrein van de feestelijkheid. Wagentjes en tentjes met snoeperijen, Eruit en limonade, zorgden dat het de wachtenlen aan niets hoefde te ontbreken.

Toen het plechtige ogenblik daar was, ontstond sr onder de opgeschoten jongens, die mee hadden jedaan om ’t hout te verzamelen en de brandstapel op te bouwen, ruzie, wie het Paasvuur zou lansteken. En als de grote mannen er zich niet nee bemoeid hadden, zou er een vechtpartij ontstaan zijn. Ten slotte werd alles in der minne geschikt en duurde het niet lang of de vlammen