is toegevoegd aan je favorieten.

In en om "De Klaproos"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN EN OM „DE KLAPROOS”

Haastig holde ze de trap op, en eenmaal op haar kamertje, stopte ze de beide stukken brood vlug weg in de la van haar nachtkastje.

Dan nam ze het boek en ging weer naar beneden.

Die middag aan de koffietafel at Oet vier dikke boterhammen, en mevrouw Bekkers verbaasde zich over de gezonde honger van haar dochter, temeer, waar ze toch vlak voor het eten al twee stevige kapjes had opgepeuzeld.

Maar nog groter werd haar verwondering, toen Oet, nadat de koffietafel al was afgeruimd, nogmaals bij haar in de keuken kwam, waar ze om nog een „laatste boterham” bedelde.

„Kind,” schrok mevrouw Bekkers, „je voelt je toch wel goed? Waar laat je het?” En in stilte nam ze zich voor, haar man die avond er over te zullen spreken.

Doch als ze op dat ogenblik om de hoek van de deur had gekeken, dan had ze gezien, hoe Oet je met haar boterham in de éne, en een grote bloemkool* stronk, die ze in het schillenbakje had gevonden, in de andere hand, ongemerkt naar boven sloop, waar ze alles, mét de boterhammen uit haar nachtkastje, onder het bed verstopte, met een stevige krant er omheen...

En met een opgelucht hart, nu alles haar zo was meegelopen, stapte Oet die middag naar school, waar de juffrouw haar niet één keer meer behoefde te verbieden...