is toegevoegd aan je favorieten.

Clubhuis "De Crocus"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN BOENDERS EN DWEILEN

is het spreekuur. Uitscheiden, kinderen, jullie zullen trouwens wel honger hebben ook, hè?”

Nou, dat hadden ze, en geen tien minuten later zaten ze, na eerst keurig netjes hun handen te hebben gewassen, in de zonnige serre, achter een grote schaal met heerlijke, verrukkelijke boterhammetjes. Sandwiches heetten die, omdat de korstjes er allemaal waren afgesneden, en ze waren belegd met allerlei lekkere dingen: worst en ham en kaas ...

En ook kwam toen de verrassing van Daatje: een tweede schaal vol dampende wentelteefjes, waarvan er niet ééntje naar de keuken terugging.

Wat ’n wonder ook, als ze zó lekker smaakten!

’s Middags, terwijl ze juist bezig waren, de gordijntjes weer voor de ramen te hangen, zó waren ze ineens opgeschoten, kwam Piet, de tuinjongen, gewapend met een ladder en een grote pot met grijze verf.

Ze keken er naar met wantrouwige blikken, want... o, het was wel heerlijk natuurlijk, dat het huisje opnieuw geschilderd werd, maar... eerlijk gezegd, ja, héél eerlijk gezegd, vonden ze de kleur niet bar mooi. Zo

somber, dat lelijke grijs en het was Impje, die met

een vleiend stemmetje er over begon.

Als het nu tóch geschilderd werd, nietwaar?... dan hadden ze veel liever...

En hier schaterde moeder het plots uit.

„O, kinderen!” lachte ze, „maar dat is immers gróndverf? Ik bedoel, dat is verf, die er éérst op wordt gedaan, omdat anders de andere kleur er doorheen zou komen, begrijp je? Neen, maak je maar niet ongerust, hoor... het wordt mooi, donkergroen, met rode vensters en rode paneeltjes!”

Hè, het was een hele opluchting, gelukkig, en nü ook begrepen ze, waarom Piet het zo vlug deed... zo met van die grote, lange halen! Eén, twee... klaar! Later