is toegevoegd aan je favorieten.

Nienke van Hichtum vertelt weer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m.

PRINS PETER EN DE SCHONE MAGILENE

ernstig. „Er gebeuren immers zoveel wonderen in de wereld; — waarom zou de Prins niet meer in leven zijn, omdat toevallig zijn drie ringen in de maag van een vis zijn teruggevonden? Vertrouwt op God — en ge zult misschien eens een wonder zien gebeuren.”

Getroost door haar woorden reden de Prins en de Prinses naar hun paleis terug, zonder ook maar een ogenblik te beseffen, dat de vrouw van hun zoon hun dezen raad had gegeven.

Ondertussen had Prins Peter al enige jaren doorgebracht aan ’t hof van zijn vriend, den Sultan. Maar hoe goed hij ’t daar ook had, toch verlangde hij hoe langer hoe sterker naar zijn vaderland, en vooral naar zijn lieve vrouw.

Hij had den Sultan al dikwijls permissie gevraagd naar Frankrijk terug te mogen keren, maar die hield zóveel van hem, dat hij hem niet wilde laten gaan.

Eerst toen hij eindelijk zag, hoe slecht zijn trouwe raadgever er begon uit te zien, begon hij te begrijpen dat hij moest toegeven — juist ómdat hij zoveel van zijn vriend hield.

Zodra hij tot dit besluit was gekomen, ging hij zelf zijn raadsman opzoeken met de boodschap, dat er in de haven juist een prachtig schip gereed lag, waarop hij de reis naar ’t Vaderland zou kunnen maken.

De Prins kreeg tranen in de ogen, zó was hij getroffen door dit aanbod van zijn edelen vriend; maar zijn verlangen was zo groot, dat hij het toch dankbaar aannam.

De Sultan had hem veel goud en zilver en allerlei kostbare stenen en parelsnoeren laten brengen, voordat hij uitvoer.

Dit leek den Prins echter een gevaarlijke bagage, en daarom kocht hij veertien kisten, op den bodem waarvan hij de kostbaarheden legde, om ze daarna geheel te vullen met zout. Hij wist maar al te goed, aan welke verzoekingen sommige zeelieden zouden worden blootgesteld als ze te weten kwamen, welk een kostbare lading ze vervoerden.

Geen mens twijfelde er dan ook aan, dat al de kisten werkelijk met zout waren gevuld.

De wind was gunstig toen de zeilen werden gehesen en het schip zette koers naar Frankrijk.

Het ongeluk wou echter dat de Prins zó zeeziek werd, dat hij den