is toegevoegd aan uw favorieten.

Toen - en nu! : leesboek over de geschiedenis van het vaderland voor de christelijke scholen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De Prins! De Prins!" wordt er opeens geroepen. Dan bedaart alle lachen, alle drukte. En heel eerbiedig, heel blij begroeten ze allen den jongen man, die daar aan komt rijden, oranjepluimen op zijn hoed. Dat is Prins Maurits.

Hij komt naar de oefeningen van zijn mannen kijken. Hij is héél tevreden over hen. „Goed zoo! In den oorlog zullen jullie beste soldaten zijn!" . . . Wat doen die piekeniers hun best.

En als de Prins is weggereden, mogen de mannen rustnemen... „Naar het stroo, piekeniers!" klinkt het commando. Wat een drukte, wat een beweging! De een zwerft hier-, de ander daarheen. De een gaat een potteke bier drinken in de taveerne; de ander gaat bij Dikke Kee een gedroogd scharretje oppeuzelen ... En als de piekenier dan de drie duiten in haar schort werpt, denkt ze: ,,'t Is toch beter tijd dan vroeger. Dan stal dat ruwe soldatenvolk al wat het maar krijgen kon. En betalen als ze kwamen koopen? Ho maar! . . . Nu. is 't veel knapper volk. De Prins heeft ze gehoorzaamheid geleerd. En hij betaalt ze trouw, en zorgt goed voor hen. Maar waarvoor die gekheid van daareven moet dienen, neen, dat begrijp ik niet . . .

Toen Willem van Oranje in 1584 werd gedood, was zijn zoon Maurits eerst 17 jaar. Toch hebben de Staten van het land hem al spoedig tot Stadhouder benoemd in zijns vaders plaats. Maar niemand wist nog, welke groote diensten hij aan het vaderland bewijzen zou Hijzèlf ook niet.

Prins Maurits was een ferme jonge man, die van aanpakken hield. „Laat de Staten het land maar regeeren," dacht hij, „en laat mij den Spanjool maar verjagen . . . Het werk, dat mijn vader begonnen is, wil ik voortzetten. Zijn zinspreuk was: „Het rijske wordt een boom!"

Toch was hij een heel ander man dan zijn vader.

Prins Willem was een denker, hij was een vechter. Prins Willem was een staatsman, hij was een krijgsman.

Maar — een wild, jong paard moet de teugels voelen, anders loopt het veel te hard. Dat was voor Prins Maurits ook noodig.