is toegevoegd aan uw favorieten.

Toen - en nu! : leesboek over de geschiedenis van het vaderland voor de christelijke scholen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groote IJ binnen, de prachtige haven van de groote handelsstad Amsterdam . . . 't Was zwart van menschen aan de kade; 't was zwart van menschen ook op de honderden schepen die in het IJ lagen. En al dat volk joelde en juichte de stoute zeevaarders tegen. De weg naar Indië was nu open; de weg naar het mooie, verre, vreemde land, dat zoo rijk was, en dat zoo vele Nederlanders óók rijk maken kon.

Als er ergens wat te verdienen viel, waren de Hollanders er dadelijk bij. Duizenden en nog eens duizenden menschen verdienden hun brood op de wijde zee. Amsterdam was in die dagen de grootste handelsstad van heel Europa. Soms lagen er wel 3000 schepen te gelijk in de havens. En nu — nu zou Indië het nieuwe land worden, waar men nieuwe schatten halen zou... Och, Cornelis Houtman en de zijnen brachten nog maar weinig mee; maar dat was niet erg. De dappere lui hadden door hun moedige volharding den weg gewezen aan anderen, 't Was, of het hart van de stad Amsterdam opeens ging kloppen met feller slag . . . „Naar Indië! Naar Indië! Wij ook, dacht menig koopman. En ze fluisterden er samen over, en legden geld bijeen, en kochten een schip en huurden een kapitein en matrozen, en beloofden hun rijke belooning als ze 't óók aandurfden de schatten van het rijke land te gaan halen . . .

Janmaat niet durven? . . . „Fiat!" zeiden de stoute zeelui. „Wat Houtman durfde, durven wij ook. We gaan!"

En — 't duurde niet lang, of uit Holland zeilde menig scheepje uit, om daar ginds, in 't verre Oosten, het handelsgeluk te gaan beproeven. De kooplieden wachtten in onrust. Als hun schip verging, of als 't door de Duinkerker kapers werd buitgemaakt, of als de Spanjaarden het opbrachten naar hun havens, dan — dan waren die kooplui hun geld kwijt. Die kooplui waagden hun geld. Die zeelui waagden hun leven. Maar zoo, — zóó werd oud-Holland groot.

Hun leven wagen ....

Een paar maanden later juichten de menschen wéér een