is toegevoegd aan uw favorieten.

De mythen van Griekenland en Rome

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die zij ging verlaten, en daarna wierp zij, met gedachten vol teederheid aan haar bezorgde moeder, die haar bij het aanbreken van den avond te vergeefs op al haar geliefkoosde plekjes zou zoeken, snel haar gordel in de Cyane, en riep de waternimf toe, die naar Ceres te brengen.

De gelukkige god, opgewonden door het schitterende resultaat van zijn vermetel bedrijf, en niet langer bevreesd voor een onmiddellijke vervolging, klemde zijn schoone gevangene aan zijn hart, drukte hartstochtelijke kussen op haar frissche jonge wangen en trachtte haar angst tot rust te brengen, terwijl de zwarte paarden hoe langer hoe vlugger door den donkeren doorgang heensnelden en niet rustten voordat zij aan den voet van den troon van hun meester gekomen waren.

„Verheugd, nu hij 't geliefde meisje veilig in zijn armen sluit,

Smoort hij met kussen en met lieve woordjes ieder droef geluid."

Darwi?i.

Intusschen was de zon onder den Siciliaanschen horizon gedaald; Ceres, die van de akkers, waarop het koren snel rijpte, naar haar eigen woonplaats terugkeerde, zocht, zooals zij gewoon was, naar de nog afwezige Proserpina, van wie echter geen enkel spoor kon worden gevonden behalve de verspreide bloemen. De moeder trok overal heen en weer, en riep haar dochter, nieuwsgierig, waar zij kon wezen, en waarom zij haar niet tegemoet kwam huppelen. Toen de tijd voorwaarts schreed en Proserpina nog altijd niet verscheen, begon het hart van Ceres van angst heftig te kloppen en stroomden tranen langs haar wangen, terwijl zij, haar dochter roepend, van de ééne plaats naar deandere vloog.

„Waar is Proserpina gebleven ?

Demeter zoekt haar ver in 'trond,

En dwaalt steeds voort in angst en beven,

Van 's morgens tot den avondstond.

,Mijn leven, schoon 't onsterflijk is,

Is waard'loos, schreit zij, daar 'k u mis,

Persephone — Persephone !'" Ingelow.