is toegevoegd aan uw favorieten.

Vermeulen Krieger

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was op zijn hoofd gesteld, maar Humann ontving nooit het bloedgeld.

Gedurende het gevecht had Krieger zich geen rekenschap gegeven van de verschrikkelijke tooneelen waarvan hij getuige was en waarin hij zelf een rol vervulde. Na de overwinning echter, toen geen bedwelmende kruitdamp zijne zinnen meer benevelde, geen koortsachtige opgewondenheid zijn bloed meer met verdubbelde snelheid door de gezwollen aderen joeg, toen gruwde hij van al de ijselijkheden die hij om zich heen zag.

Het bloed dat zijne kleederen bedekte, hij had het moeten storten uit plicht, tot zelfverdediging; maar het bloed dat thans vergoten werd, het bloed van dappere gewonden, van ontwapende tegenstanders, van onschuldigen zelfs, dat kon hij niet zien vloeien.

Het strijdrumoer had iets opwekkends, iets grootsch, schonk lust en kracht om te strijden; het gejammer en geweeklag na het gevecht sneed hem door de ziel.

De veroverde stad scheen hem een uitgestrekt moordtooneel toe, waarop alleen beulen en slachtoffers rondwaarden; hardvochtige beulen, die er een wellust in vonden de gepijnigde lichamen van weerlooze gewonden met nieuwe, diepere, doodelijke wonden te bedekken; van angst gillende slachtoffers, die hunne wapenen wegwierpen en om genade smeekten.

Ziet? zeven jongelieden liggen daar op de knieën; met al het vuur van hun leeftijd hebben zij de wapens opgevat om hun vaderland van vreemde overheersching te bevrijden —hoe edel dat doel! Aan geestdrift heeft het hun niet ontbroken, maar zij zijn overwonnen en vragen lijfsbehoud.

Wat, lijfsbehoud! tot het gevest het zwaard in de borst! D&tis het loon voor hun vaderlandsliefde, die rampzaligen! Een voor een worden ze doorstoken door den beul aan wien ze genade vroegen. En Krieger moet dat aanzien, want die beul was een officier !

Ontzettende jammerkreten van mishandelde vrouwen dringen hem