Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XVII.

VERKENNINGEN.

Toen Krieger met zijne jagers te Batavia aan wal stapte, was de Java-oorlog juist geëindigd. Dipo Negoro, het hoofd der opstandelingen, die met veel beleid en weinig middelen vijf jaren achtereen den strijd tegen de nederlandsche troepen had volgehouden, zat op het stadhuis gevangen!

Het natuurlijk gevolg van dien staat van zaken was, dat de oprichting van het korps rijdende jagers onnoodig werd. Zoowel voor den chef als voor de jagers was de teleurstelling groot en werd alleen verzacht door het vooruitzicht om bij de aanstaande reorganisatie van het leger tot één korps vereenigd te worden. Aanvankelijk verkreeg Krieger het bevel over een bataillon der 19^ afdeeling, dat later het 1»» bataillon was van de acht waaruit de infanterie van het leger werd samengesteld, het bataillon dat naar zijn vroegere bestemming en naar zijn chef, lang bekend heeft gestaan onder den naam van „de jagers van Krieger."

Doch ook in andere opzichten ondervond Krieger bittere teleurstelling. In de weinige jaren die hij in Nederland had doorgebracht, was het personeel van het indisch leger nagenoeg vernieuwd en hij er bijna een vreemdeling geworden; van de 5450 officieren en manschappen die van 1815 tot 1817 te Batavia ontscheepten, waren er nog slechts 385 in leven; zoovele slachtoffers had voornamelijk de

VERMEULEN KRIEGER. 1 rv

Sluiten