Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ons leven is een staag verreizen en vertrekken," dacht ik, over de verschansing leunende van de ,,s' Jacob", die ons van Makassar naar Palima zou voeren.

„Nomaden zijn wij hier in Indië", „onrustige pelgrims!" Daar lag de „Camphuys" klaar om weer naar Java te gaan, daar lag een andere boot, waarvan ik den naam niet lezen kon, waarschijnlijk voor de Molukken bestemd.

Plezierreizigers herbergen die vaartuigen niet! Ach, neen, meestal moeten wij hier reizen! Eén machtwoord, komende van Buitenzorg ... en de koffers worden gepakt, het huis, den tuin, de vrienden vaarwel gezegd.

Zooals de rijstkorrels door onze Javaansche keukenprinses dooreengeschud worden in haar groote platte mand, vóór zij gaat koken, zoo rollen hier de menschen door elkaar van Java naar Sumatra, van Sumatra naar Ambon, van Ambon weer naar Riouw ... Ik weet nog niet met welk doel al dit door elkander gooien geschiedt. De eenige oplossing, die ik er aan zou kunnen geven, is dat men de een niet te lang op een al te eenzame plaats mag laten blijven en hij vervangen moet worden voor hij menschenschuw is, maar wel weet ik hoe dikwijls het algemeen belang geschaad is door dit overplantingssysteem, dat iemand soms juist weg nam, als hij plezier in zijn werk begon te krijgen, als hij de bevolking en de bevolking hem kende.

Sluiten