Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dit weinig roemrijke wapenfeit deed echter geen afbreuk aan het vertrouwen, dat de Amboneezen in de Hollanders als hunne bondgenooten tegen de Portugeezen stelden, integendeel zij sloten met hen een verbond, waarbij van onze zijde krachtdadige hulp tegen de Portugeezen werd toegezegd, en de Hitoeëezen van hun kant aan de Nederlanders de levering van alle nagelen beloofden. Tot nakoming van dit verbond werd een fort gebouwd, dat den naam kreeg van Kasteel van Verre, maar door de inlanders Kota Waerwijck werd genoemd.

Dit was alzoo het eerste vaste punt door de Nederlanders in Indië bezet.

Terwijl deze gewichtige punten met de inlandsche hoofden werden behandeld, kwamen ook de beide andere schepen uit Banda voor Amboina ten anker. »De Maan" en »De Morgenster" hadden te juister ure het anker tusschen de Banda-eilanden laten vallen. De door Van Heemskerck in Juli des vorigen jaars (1599) op Lontoor en Neira onder het gezag van Van Veen en Stalpaert achtergelaten Nederlanders bevonden zich juist toen in groot gevaar. De Portugeesche commandant van Malakka, geergerd, dat de Nederlanders ook op de Banda-eilanden waren binnengedrongen, en zelf niet bij machte om ze vandaar te verjagen, had den Boepati van Toeban, een der machtigste vorsten van Java — die aanspraak maakte op de opperheerschappij over de Banda-eilanden en het rijk van Bandjermasin op Borneo — overreed de Nederlanders uit dien Archipel te verdrijven. Belust op buit en stellig niet minder naijverig op de Hollanders dan zijn Portugeesche raadgever, had de vorst een vloot van dertien prauwen, bemand met ongeveer 1500 man, naar Banda gezonden. Daar de Bandaneezen niet met woorden te overreden waren de Nederlanders uit te leveren, zou waarschijnlijk de Toebansche vlootvoogd tot geweld zijn overgegaan, toen op den 9den Mei te Neira het bericht kwam, dat twee Hollandsche schepen in de nabijheid van Goenong-Api waren gezien. Deze tijding deed de Javanen van den aanval afzien en wentelde een steen van het hart der onzen; zij toch sprak van hunne redding, van hun behoud.

Sluiten