Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zeker Van den Broeck was voor martelaar niet in de wieg gelegd, > hij was geen held", om met den heer Van Deventer te spreken, »in de hoogere beteekenis van het woord", zijner was niet de innigste overtuiging, dat een doode leeuw beter is dan een levende hond, hij was geen Regulus — maar nog eens, stonden de gevallen gelijk? Van den Broeck in banden, elk oogenblik met den dood bedreigd, in doodsangst zeggende wat zijne meesters hem gebieden — en Van Raay binnen een versterking, met 250 gewapende mannen, met een hoeveelheid kruit voorhanden, die nog bijna dezelfde was, als toen Coen haar verliet, en met het gegronde uitzicht voor oogen, dat er spoedig van Bantam hulp zou komen, zich overgevende zonder slag of stoot met alles wat der Compagnie toekwam aan onze bitterste vijanden!

Van den Broeck was geen held 1), maar Van Raay was een lafaard.

Den isten Februari werd tot de overgave van het fort aan Sir Th. Dale besloten, van het fort met de geheele bezetting en Christenbevolking, met het geschut en den krijgsvoorraad; terwijl de Pangerang zich tevreden (!) stelde met al het geld en de koopmansgoederen en de juweelen , die zich in de sterkte

J) Van den Broeck was geen held „in de hoogere beteekenis van het woord". Het pleit niet bijzonder voor zijn karakter, minstens niet voor zijn bescheidenheid, wellicht voor schuldbewustzijn, dat hij zelf de stoffe heeft verschaft aan een poëet om hem in dezer voege als een tweeden Regulus te verheerlijken.

„Sij knoopen om sijn hals een vreselike strop,

En stellen hem voor 't fort, dat sij het gaven op,

De dood ontset hem niet, hij roept met grootse woorden:

Houd uwe sterkte vast, laet mij alleen vermoorden,

Ghij siet haar vals bedrog en spiegelt u aen mij,

Off anders raekter geen, noch ick, noch niemand vrij."

Van den Broeck schreef namelijk in een boekje, getiteld: „Korte Historiael ende Journaelsche Aenteyckeninghen van al 't gheen merckwaerdich voorgevallen i», in de langduerighe reysen, enz. enz., door Pieter van den Broecke. Ilaerlem by Hans Passchiers van Wesbusch, 1634", op bladz. 112 het volgende: „den 29 ditto (i. e Januarij 1619) presenteerden die van 't fort 2000 Realen voor mijn verlossinghe, daer den Koninck niet na hooren wilde ende strenghelijcker gebonden heeft ende sondt mij soo met twee Engelsen op de walle, recht over de catte om 't

fort op te eysschen Hierop staende strengelijck gebonden en de strop om den hals, gaf

ons volck moet ende couragie, in plaets van overgheven te roepen "

Sluiten