Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gen de namen der provinciën'Holland, Westfriesland, Zeeland en Gelderland. Op elk daarvan heesch men een nieuwe vlag, welke plechtigheid met kanonschoten werd begroet, alles onder het voortdurend luiden der klokken. Een feestmaal der opperhoofden besloot natuurlijk de vreugde van den dag.

Dat de Bantamsche rijksbestuurder alles behalve tevreden was over den gang van zaken, laat zich denken, en Van den Broeck met de zijnen moest er de bittere vruchten van plukken. Hoewel als vrij man met de zijnen naar Bantam vertrokken, werd hij daar al dadelijk onder bewaking gesteld, een bewaking, die eerst later in een eigenlijke gevangenschap overging.

Zoowel voor die bewaking als voor die gevangenschap, zegt de heer Van Deventer, kan de rechtsgrond alleen hierin gevonden worden, dat de Nederlanders een fort bezet hielden op een thans rechtstreeks tot Bantam behoorend gebied.

Maar waaraan Rana Mangala zijn rechtsgrond ontleende of niet, Van den Broeck en de zijnen waren er niet te minder gevangenen om, die elke ongevallige handeling der Batavia'sche bezetting in de heftigste bedreigingen terugbetaald kregen. Door toedoen van de vrienden der Hollanders en de vijanden des rijksbestuurders aan het hof des konings, die telkens weer voor hen in de bres sprongen, bleven zij voor erger dan bedreigingen gespaard.

Eindelijk kwam er een modus vivendi tot stand, krachtens welken de Nederlanders in het vredig bezit van het fort te Jacatra werden gelaten tot op de terugkomst van Coen.

Geen belangrijke verandering had er verder in den toestand plaats, totdat op den ioden Mei 1619 onverwachts eene sloep de Tji-Liwong kwam oproeien met de nieuwbenoemde Raden van Indië De Carpentier en Soury aan boord, die met het fregat »Ceylon" vooruitgezonden waren om het bevel over het fort van Van Raay en de zijnen over te nemen en de blijde tijding brachten: Jan Pietersz. Coen, de lang verbeide, komt!

Ja, Coen kwam. Den 3den Januari 1619 was hij van Jacatra vertrokken, den 4den Februari kwam hij voor Amboina, waar hij , door den ijver en het beleid van den luitenant-

Sluiten