Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overheerschend zou zijn, bood Coen aan alle burgerlijke en militaire dienaren der Compagnie, wier diensttijd verstreek, de gelegenheid aan, om als vrije burgers onder haar bestuur te blijven wonen. En het getal dezer vrijburgers bedroeg weldra verscheidene honderden. Coen »permitteerde" hun zooveel vrijheid in den handel als maar eenigszins met de instellingen der Compagnie vereenigbaar was. Zij mochten onder de noodige beperkingen handel drijven in rijst en vee en zelfs specerijen voor eigen rekening inkoopen, mits deze laatste weder aan de Compagnie verkocht wierden.

Reeds in het eerste tiental jaren na de stichting der stad had hun handel een opmerkelijke uitbreiding verkregen, en dat, in weerwil van de strenge vermaningen der Bewindhebbers in het moederland om dien »gepermitteerden" handel tegen te gaan. Dit zou onverklaarbaar zijn, indien niet het bestuur te Batavia den handel der vrijburgers steeds de hand boven het

hoofd had gehouden.

Het lijdt geen twijfel, of de heer Van Deventer heeft recht, als hij die bescherming der regeeringspersonen te Batavia verklaart, althans de gedachte daaraan niet kan onderdrukken, uit eigenbelang. Hij wijst er op, dat wegens het gemis aan crediet-instellingen in Indië en de beperktheid van middelen der eerste vrijburgers, die handel, welke door het Indisch bestuur zoozeer in het belang der Compagnie op prijs gesteld werd, onmogelijk zonder gelden van niet-vrijburgers met eenigen goeden uitslag gedreven kon worden; dat daarom in weerwil van het strenge verbod van Bewindhebbers daartegen, niet-vrijburgers, ook regeeringspersonen, hun kapitaal aan vrijburgers zullen toevertrouwd hebben, daarvoor beloond door aanmerkelijke winsten.

Maar eigenbelang is zeer zeker niet de eenige drijfveer daartoe geweest. Er waren er meer dan Coen, die, even onbaatzuchtig als hij, evenals hij, in strijd met de bekrompen door hebzucht gevoede vrees der Bewindhebbers, in de ontwikkeling van den handel der vrijburgers een der hoofdfactoren zagen voor den bloei der jonge Nederlandsche kolonie.

Sluiten